Stadsschutterij St. Rosa Sittard            
 


Herdenking Oud-Mariniers 19 November

te Sittard (Leijenbroek)

Elk jaar in november worden de Limburgse mariniers die tijdens de politionele acties in het voormalige Nederlands-Indië zijn gesneuveld herdacht. De herdenking bij het Mariniersmoment op de Leyenbroekerweg in Sittard is altijd erg indrukwekkend en er komen veel oud-mariniers op af.


Het mariniersmonument

Er staat een mooi en indrukwekkend bronzen monument aan de voet van de Kollenberg. Het staat er ter ere van álle Nederlandse mariniers die na 1945 diensten aan het vaderland hebben bewezen. Gevallenen en overlevenden. Voor allen, maar speciaal voor de ca. 40 Limburgse mariniers die het leven lieten bij politionele acties in voormalig Nederlands Indië. Het monument is één van de maar liefst 14 oorlogsmonumenten die Sittard rijk is.


Het groen-bronzen werk bestaat uit twee elementen. De hoge stellage en de daar tegenoverstaande sprekende beeltenis van een vallende marinier met volle bepakking. In het zeven meter hoge kunstwerk zijn, als je goed kijkt, naast een marinier ook delen van gevechtsvliegtuigen, wapens, een amfibie-tank en ander gevechtstuig van mariniers te ontdekken. Bijzonder is de urn die in de voet van de vallende marinier is bijgezet. De urn is gevuld met grond van het slachtoffer-ereveld van Kembang Koening in Soerabaja. Als je vanaf de Leyenbroekerweg in één rechte lijn de vallende marinier én de stellage bekijkt krijg je een indrukwekkend beeld van het imposante werk.

Het gehele monument is een ontwerp van Ir. Peter Sigmond, een in 1956 uit Hongarije gevluchte technicus. Het indrukwekkende bronzen mariniersbeeld is van de hand van de in 2017 overleden kunstenaar Jos Hermans. Hij woonde in Nuth en was beeldhouwer, schilder en glazenier. Het initiatief voor het monument kwam destijds van de nabestaanden van gesneuvelde mariniers en het geld voor het monument werd bij elkaar gebracht door oud mariniers, nabestaanden, de Limburgse bevolking en het regionale bedrijfsleven. De onthulling werd in 1966 opgeluisterd door de Koninklijke marinierskapel. Indrukwekkend was de aanwezigheid van maar liefst acht compagnieën oud mariniers en twee compagnieën gewapende mariniers.